Hét jaarlijkse hoogtepunt

Elk jaar is er een landelijk zomerkamp en dat is voor de meeste zeekadetten het hoogtepunt van het jaar. Elk korps komt met het eigen korpsschip naar een locatie in Nederland. De Koninklijke Marine ondersteunt het kamp met oa. de WR-1 zeilsloepen. Als locaties zijn er in het verleden geweest; Den Helder, Harlingen, Lemmer, Urk, Enkhuizen, Hoorn, Lelystad, Hellevoetsluis, Middelharnis en Grevelingenmeer.

Reis naar het zomerkamp

Eerst de vaartocht met het korpsschip naar het kamp. Al tijdens het varen moeten de kadetten veel zelf doen of de ervaren scheepsbemanning helpen: dat begint met de trossen losgooien. Dan komt het echte werk: aan het roer staan, de koers uitzetten, de motor bedienen en natuurlijk ook de huishoudelijke klussen. Je eet en slaapt immers aan boord.

Sport en plezier

Tijdens het hele kamp gaat dat door en toch is er veel tijd voor sport en plezier. Die sport heeft natuurlijk met water te maken: zwemmen, kanoën, roeien en zeilen.

Sport voor de fun en sport voor de strijd, want met roeien en zeilen kun je een teamprijs winnen. Helemaal bijzonder is het spel Langendoen. Wil je weten wat dat is dan moet je vragen aan een kadet die het spel heeft gespeeld.

Of je komt zelf als zeekadet meedoen. Bovendien zijn er elk jaar  nieuwe activiteiten waardoor het zomerkamp ook voor de kadetten die jaren achter elkaar meegaan leuk blijft. Een echt avontuur is de trektocht van twee dagen met een sloep. Je blijft dan in de sloep of op land onder een zeil slapen.

De praktijk

Het zomerkamp is er ook om te leren en vooral te laten zien wat je geleerd hebt. Tijdens de gewone korpsdagen breng je al in de praktijk wat je als zeekadet leert. Maar een week lang aan boord en op het water is heel was anders. Dan leer je wat het leven van een zeeman of een binnenvaartschipper is. Dan merk je ook dat het echte werk meer is dan een praktijkles. Bovendien kun je tijdens het zomerkamp van elkaar leuke dingen leren want soms doen zij bij een ander korps de dingen net even anders.

Samenwerking

Deze kampweek werkt iedereen aan boord samen. Natuurlijk ben je in de eerste plaats bezig met je eigen werk, want elke taak is even belangrijk. De nautische dienst met het varen met het korpsschip en de kleine boten. De technische dienst met het bedienen van de motor en het onderhoud van elektrisch en waterleiding. De logistieke dienst met de verzorging. Dat laatste is erg belangrijk: een zomerkamp met slecht eten, is een slecht zomerkamp. Maar dat hebben wij nog nooit meegemaakt.

Vrijwilligers

Het landelijk zomerkamp is mogelijk doordat erg veel vrijwilligers bereid zijn in deze week de kadetten te begeleiden. In de eerste plaats zijn dat natuurlijk de officieren (de leiding) van de korpsen. Zij worden vaak geholpen door vrijwilligers van het eigen korps, die in verschillende functies in touw zijn. Hun inzet is van grote waarde.

Bovendien wordt het zomerkamp geholpen door een groep vrijwilligers van de Koninklijk Marine. Zij komen met twee motorbootjes en de grote sloepen vanuit Den Helder naar het zomerkamp. Verder nemen zij mee: veel materiaal, nog meer kennis en ervaring en een onschatbare hoeveelheid enthousiasme.

Het landelijk zomerkamp staat – in beginsel – onder leiding van een van de leden van het hoofdbestuur van het  Zeekadetkorps Nederland.